De keuze van het kampterrein heeft een grote invloed op je kamp. Daarom volgende tips:
Probeer indien mogelijk een kampterrein te zoeken tijdens de zomer. Zo zie je meteen hoe het terrein er tijdens jullie kamp echt uit zal zien. Als je door omstandigheden toch in de herfst of winter een kampterrein moet kiezen, let dan op de ondergrond. Stijfbevroren afdrukken van koeienpoten wijzen bv. op een drassige ondergrond. De begroeiing geeft ook aan of er stortbeken kunnen passeren en naast een riviertje zie je dikwijls tot waar de hoogste waterstand kan komen.
Maak op voorhand een lijstje van wat jullie van een goed kampterrein verwachten. Zet alle criteria in volgorde van belangrijkheid: een rivier in de buurt, een bos in de buurt, drinkbaar water op loopafstand, bereikbaar voor vrachtwagen, voldoende ruimte om te spelen, winkels in de buurt, afgelegen en rustig terrein.
Bedenk de risico’s die bij bepaalde soorten kampterreinen in combinatie met bepaald soort weer kunnen horen: een kampterrein aan een rivier kan overstromen; een hittegolf op een kampterrein zonder bomen is vragen om problemen.
Hou met die risico’s rekening als je je kampterrein inricht. Afhankelijk van het verwachte weer (en je eigen optimistische inslag) kan je er bv. voor kiezen om je tent haaks op de normale zuidwestelijke wind te zetten (zodat de regen tegen het (dubbele) zeil komt) of net in de windrichting zodat die wind ervoor zorgt dat de ondraaglijke zomerhitte uit de tent geblazen wordt.
Het inrichten van het kampterrein is een hele 'job'. Gewoonlijk ben je toch wel twee dagen bezig met het opnieuw opbouwen van de achtergelaten luxe van thuis.
Bedenk daarom ook hier enkele dingen op voorhand:
Maak een lijstje van wat jullie zeker willen sjorren en wat jullie eventueel als luxe beschouwen.
Zet ook hier de dingen in volgorde: een HUDO is wellicht één van de eerste dingen die je maakt.
Vraag op voorhand na welke dingen je mag doen op het kampterrein. In Duits Oost-België mag je bv. geen HUDO’s graven en moet je een chemisch toilet huren van de gemeente. Zet een HUDO ook nooit dicht bij of in een veld met graan, maïs of tarwe. Je beschadigt daarmee de gewassen.
Wees realistisch in de planning. Heb je genoeg sjorhout en gaan jullie na twee dagen echt nog zin hebben om die kast voor de fourage te sjorren. Bedenk ook enkele dingen die leuk zijn om te maken maar die niet echt nodig zijn bv. een schommelbank of een steigertje voor in de rivier. Hou die dingen voor op het laatst.
Het kampterrein tijdens het kamp
Ook tijdens het kamp hou je best enkele dingen in het oog.
Vermijd dingen waarover je kan struikelen (zoals rondslingerende bijlen, sjorhout, spade...). Trouwens, je draagt beter zorg voor je dure materiaal...
Zorg er voor dat putten die je niet (meer) gebruikt niet in 'doorgaande wegen' liggen en dat ze duidelijk gemarkeerd zijn. Gooi na het kamp alle putten en putjes goed terug dicht. Je bespaart er de paarden en koeien op de wei wellicht een gebroken poot mee.
En doof àlle vuren op het terrein voor je gaat slapen.